dinsdag 10 juli 2012

Europarlementariërs bevestigen basisrechten voor slachtoffers van misdaden in de gehele Europese Unie

Alle slachtoffers van misdaden zullen dezelfde basisrechten krijgen in de gehele EU en een beoordeling van hun specifieke behoeften onder toezicht van richtlijnen die overeengekomen zijn door het Parlement en de Raad en gesteund worden door de commissies voor burgerlijke vrijheden en vrouwenrechten.

Er zal ook worden voorzien in gratis hulpdiensten, zoals psychologische hulp. Zo´n 75 miljoen mensen zijn jaarlijks slachtoffer van misdaden binnen de EU.

Wanneer delicten in het buitenland worden gepleegd, kunnen culturele verschillen, talen en wetten voor serieuze problemen zorgen. De overeengekomen tekst moet ervoor zorgen dat ongeacht de aard van het delict - beroving, aanranding, verkrachting, intimidatie, haatdelicten, terroristische aanslagen, of mensenhandel - en ongeacht de plaats van het delict in de EU, alle slachtoffers dezelfde basisrechten genieten in strafrechtelijke procedures, met respect en waardigheid worden behandeld, worden beschermd tegen herhaling van het delict of verder slachtofferschap, en toegang hebben tot slachtofferhulpdiensten, gerechtigheid en schadevergoeding. Slachtoffers moeten ook recht hebben op verzorging van hun specifieke behoeften.

"Deze richtlijn is een belangrijke vooruitgang voor slachtoffers in de hele EU. Het individueel beoordelen van de persoonlijke eigenschappen van het slachtoffer en de omstandigheden van het delict zal helpen ervoor te zorgen dat alle slachtoffers naar gelang hun behoeftes worden behandeld. Deze richtlijn neemt ook slachtoffers van serieuze delicten in acht zoals terrorisme, mensenhandel en georganiseerde misdaad", zo zegt de rapporteur van de commissie voor burgerlijke vrijheden Teresa Jiménez-Becerril (EVP).
De rapporteur van de commissie voor vrouwenrechten, Antonyia Parvanova (ALDE), reageerde: "Adequaat reageren op de behoeften van slachtoffers, ongeacht het geleden delict en ongeacht hun woonplaats, is een enorme verandering waarvan zowel burgers als nationale juridische systemen zullen profiteren. Met deze richtlijn is de EU bezig gaten op te vullen in de bescherming van slachtoffers, in het bijzonder aan degenen die blootgesteld zijn aan secundair slachtofferschap, zoals kinderen of slachtoffers van gendergebonden geweld.

Op verzoek van Europarlementariërs zullen alle slachtoffers zo vroeg mogelijk een individuele beoordeling ondergaan van hun specifieke behoeften. Afhankelijk van persoonlijke eigenschappen, zoals leeftijd, geslacht, ras, religie of seksuele voorkeur, de aard en de omstandigheden van het delict, kan elke persoon specifieke beschermingsbehoeften hebben, zo zegt de overeengekomen tekst, daaraan toevoegend dat individuele beoordelingen verscheidene keren moeten worden uitgevoerd gedurende strafrechtelijke procedures, om elke verandering in de situatie van het slachtoffer mee te kunnen nemen.

Het akkoord zal lidstaten verplichten om ervoor te zorgen dat slachtoffers en hun familieleden toegang hebben tot gratis, makkelijk toegankelijke en betrouwbare hulpdiensten (bijvoorbeeld psychologische hulp, traumazorg of juridisch advies) vanaf het moment dat het slachtoffer is gedupeerd en gedurende en na de conclusie van het onderzoek en proces, onafhankelijk van de plek van de misdaad. Ook moeten er specialistische hulpdiensten worden opgezet voor slachtoffers met specifieke behoeften, zoals slachtoffers van gendergebonden geweld of kinderen.

Slachtoffers moeten vanaf hun eerste contactmoment met een deskundige autoriteit mondeling of schriftelijk geïnformeerd worden over hun rechten zoals gedefinieerd in de richtlijn, in eenvoudige en toegankelijke taal en in een taal die zij begrijpen.
Slachtoffers moeten ook in staat zijn om het delict te melden, een actieve rol te spelen in de strafrechtelijke procedure (interviews en juridische processen) en hun getuigenis te laten meewerken in het proces.

Er moet in alle gevallen rekening worden gehouden met de specifieke rechten en behoeften van kinderen. Aan kindslachtoffers wordt de mogelijkheid gegeven om een actieve rol te spelen in strafrechtelijke procedures en hun getuigenis wordt in beschouwing genomen.

Op 12 september zal tijdens de plenaire zitting van het Parlement worden gestemd over de overeengekomen tekst. De Raad zal ook haar goedkeuring moeten geven. Zodra de nieuwe regels zijn aangenomen hebben EU-landen drie landen om deze in hun nationale wetgeving op te nemen.
De richtlijn is aangenomen met 79 stemmen tegen 1, met 1 onthouding.