Toekomst gemeente ligt in Europa
Europa is in de gemeenteraadscampagne weggemoffeld. Daardoor hebben burgers geen afgewogen keuze kunnen maken.
Geplaatst in Nederlands Dagblad op 8 maart 2010
In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen schitterde Europa door afwezigheid. De Nederlandse Europarlementariërs hadden wel flyers en partijparafernalia in de hand gedrukt gekregen, maar was dat nou echt alles wat Europa tijdens de campagne kon bieden? Nee dus. Op een wijze die deed denken aan struisvogelpolitiek werd voorbijgegaan aan het feit dat de toekomst van gemeenten en provincies juist in Europa ligt. De partijen hebben de koppeling tussen lokaal en Europees bestuur geheel links laten liggen, de goede bedoelingen van flyerende Europarlementariërs ten spijt.
Aan veel lokale onderwerpen die burgers na aan het hart liggen, kleeft ontegenzeggelijk een substantiële Europese kant. Inhoudelijk is Brussel prominent aanwezig bij onderwerpen als 'prachtwijken', grensoverschrijdende criminaliteit, landbouw, duurzaamheid en armoedebestrijding. Het wegmoffelen van Europa in de campagne staat haaks op de invloed die Europa heeft op nagenoeg alle kernpunten van de lokale partijprogramma's. Burgers hebben het recht dit te weten en politici, zowel lokale als Europese, hadden de plicht dit te communiceren. Door hieraan voorbij te gaan hebben lokale politici een kans gemist.
Indammen
De relatie tussen lokaal en Europees bestuur komt voort uit de mogelijkheden die het Verdrag van Lissabon, dat op 1 december vorig jaar in werking trad, heeft geschapen. Een sterker Europa impliceert namelijk geenszins een wegkwijnend decentraal bestuur.
Integendeel: als lokale bestuurders gebruikmaken van dit verdrag, kunnen ze een prominente plaats verwerven aan de ontwerptafel van Europese wetgeving. Dat wil zeggen dat ze de vaak bespuwde Europeanisering van de Nederlandse politiek kunnen sturen, indammen of versnellen, afhankelijk van wat hun gemeentelijke achterban wil. De twee hoofden van het lokale en Europese bestuur hebben zich dus stevig op één kussen genesteld. Lokale politici hebben zo bezien een wereld te winnen. Zo heeft 'Lissabon' ervoor gezorgd dat beslissingen zo dicht mogelijk bij de burger moeten worden genomen. Europese regelgeving moet ook echt iets aanpakken wat in verhouding staat tot het probleem. 'Subsidiariteit' en 'proportionaliteit' heet dat in goed Eurojargon. Ook is het recht op lokaal en regionaal zelfbestuur voor het eerst expliciet in het EU-verdrag verankerd: een erkenning dat gemeenten en provincies volwaardig deel uitmaken van de Europese Unie. Zo wordt de balans tussen Europa en het lokaal bestuur rechtgetrokken. Deze vernieuwde machtspositie is geen lege huls. De Europese Commissie moet het lokale bestuur niet alleen raadplegen, maar heeft ook de plicht om de lokale financiële en administratieve lastendruk tot een minimum te beperken. Daar bovenop krijgt het Comité van de Regio's, de spreekbuis voor lokale politici en bestuurders, een sterkere adviserende rol bij de Raad van Ministers, de Europese Commissie en het Europees Parlement toe. Dit Comité kan Brussel zelfs voor het Europees Hof van Justitie dagen.
Vuist maken
Wat kunnen lokale politici dan na 'Lissabon' met Europa wat ze voorheen niet konden? Dit: het gas geven of op de rem trappen. Afremmen bijvoorbeeld op het gebied van het asiel- en immigratiebeleid. Mocht Brussel aansturen op een gezamenlijk Europees asielbeleid, met als gevolg meer asielzoekerscentra of een hogere opname van immigranten, dan kunnen gemeenten via hun belangenclub (in ons land de Vereniging Nederlandse Gemeenten) een vuist maken in het Comité van de Regio's. Omdat lokale politici van dit tweerichtingsverkeer geen gebruik hebben gemaakt of het niet hebben gepolitiseerd, hebben burgers bij de gemeenteraadsverkiezingen geen afgewogen keuze kunnen maken. Lokale bestuurders moeten ophouden met verstoppertje spelen. Ze moeten kansen aangrijpen en de burger openheid van zaken geven.
Het moet voor de burger zichtbaar worden dat Europa zich geworteld heeft in een scala van ogenschijnlijk typisch lokale onderwerpen. Het is dan ook een gotspe dat Europa ook in de verkiezingsdebatten over veiligheid en leefbaarheid niet aan bod is gekomen. Versterking van het decentraal bestuur door verdragsvernieuwing is mooi, maar lokale bestuurders moeten deze handschoen wel oppakken. Burgers kunnen hun lokale politici voortaan ook beoordelen op de vraag of ze de nieuwe kansen in Europa ook daadwerkelijk benutten. Denken lokale politici dat de nieuwe regels niet direct voor Nederland gelden? Een gemiste kans. De echte toekomst van het lokaal bestuur ligt namelijk in Europa.
Sjerp van der Vaart is directeur van het Europees Parlement Bureau Nederland















Toekomst gemeente ligt in Europa (143KB)